Zaterdag 19 Mei 2012 at 3:18 pm

Dat blauwe paradijs, dat weten jullie dus al, maar die witte
hemel is – ook voor ons – een verrassing. We zijn hier namelijk in de hemel
voor asperge-liefhebbers beland en laten wij daar nou bij horen! Onafzienbare
velden asperges, stalletjes op elke straathoek en veel, heel veel
asperge-stekers, die met touringcars naar hun velden gebracht worden. Daar
rijden dan weer kleinere (bestel)busjes af en aan om de oogst voor verdere
verwerking naar een megagrote loods te brengen, waar vandaan op gezette tijden
karren vol aspergeschillen naar ons onbekende verten vertrekken.

De
aspergevelden met hun blauwe afdekplastic lijken op meren, waar wij tussendoor
fietsen, heel bijzonder…
Ook bijzonder zijn de Slavische namen van de dorpjes waar
wij doorheen trappen: Grabow, Mötzow, Bützow, Brielow en Tieckow, om er maar
een paar te noemen. Bovendien vinden we in Brandenburg een nagebouwd Slavisch
Dorp en dan vraag je je toch af, waar dat allemaal vandaan komt.

De namen van
de dorpjes zijn te danken aan een Slavische bevolkingsgroep, die zich al in de
vroege middeleeuwen hier vestigde. Nu leeft in dit gebied nog een
West-Slavische minderheid, de Sorben en zij spreken naast het Duits hun eigen
Slavische taal, het Sorbisch.
We fietsen van Plaue langs de Havel naar Pritzerbe, een niet
erg inspirerende tocht langs een vrij drukke weg. De terugtocht leggen we in
een recordtijd af en dat is te danken aan de wel bijzonder dreigende luchten
die ons tegemoet komen. Eenmaal hijgend, veilig en droog terug op de Knipmes
kunnen we concluderen dat de dreiging overgewaaid en verdwenen is!

Zaterdag mag Dorus nog even zwemmen in de Plauer See,
ontbijten we feestelijk met verse broodjes en aardbeien (mede ter ere van
Marjon´s verjaardag!) en dan gooien we los en zetten koers naar waar voor ons
de Havel begint, om over dat meestal smalle en kronkelige water naar
Brandenburg te koersen. We tanken water in Brandenburg aan een steigertje bij
het Slavisch Dorp en maken een privé-rondvaart door de stad.

Niet alleen omdat
dat leuk is, maar ook om een zo voordelig mogelijk overnachtingsplekje te
vinden, want die prijzen verschillen hier nogal! Dàt loont zich want eenmaal
door het stadssluisje van Brandenburg vinden we een gratis steiger op een mooi
plekje vlakbij het oude stadscentrum!
Zondag tijd om Brandenburg te ontdekken. Een stad met vele
gezichten, modern, stads en druk in het centrum, dorps en rustig in de wijken
daaromheen

en dat alles gelardeerd met fraaie parken en heel veel groen langs
de nog grotendeels intact zijnde oude stadsmuren en –torens.
Maandag een dagje fietsen door de eerder genoemde
’Slavische’ dorpjes rondom de Beetzsee – de Ooievaarsroute volgens de VVV. Een
ooievaar hebben wij niet kunnen ontdekken, maar desondanks zeker de moeite
waard door de lieflijke fietspaadjes en fraaie vergezichten.

Het idee van de
fietsroutes zoals wij die kennen en zoals we die ooit hier langs de Weser
maakten, moeten we in deze contreien kennelijk maar loslaten want èn kaarten èn
bewegwijzering stellen ons vaak voor raadsels. We voelen ons dan wel hele
Pieten als meestal blijkt dat we toch op de goede route zitten! Dinsdag
verlaten we Brandenburg en varen over een smalle, kronkelige Havel naar de
Trebelsee, waar we bij Ketzin een mooi plekje vinden.

Een plekje met hindernissen
zal blijken want als er wederom slecht weer dreigt met harde wind als voorbode,
komt er een gastenboot aan waarvoor wij opzij moeten omdat anders de gasten
niet van boord kunnen. Gelukkig is het even wat rustiger want de boxen liggen
niet bepaald gunstig met dit windje en bovendien zijn de mensen op dat schip
verre van vriendelijk. De volgende ochtend vertrekt de Anna uit Berlijn in alle
vroegte, maar we blijven hem maar horen en als we eens even gaan kijken, blijkt
hij vastgelopen op een ondiepte. Hulp is al onderweg dus we voelen ons vrij om
het hele gebeuren rustig af te wachten. Een officiële werkboot ligt al te
wachten op een teken om te hulp te schieten, maar men wil het liever met
collega´s op zien te lossen - je van een ondiepte af laten trekken kost niet
weinig.

Het lukt op de lange duur, maar niet nadat er een lijn tijdens het
trekken geknapt is en dan zien we maar weer eens dat je in dergelijke gevallen
niet voorzichtig genoeg kunt zijn! Gelukkig waren deze mensen dat en stonden ze
tijdens het trekken op veilige afstand van de treklijn. Als het circus
afgelopen en ieder zijns weegs is gegaan, wandelen wij langs de Havel naar
Paretz, een lieflijk dorpje met een wonderschoon kerkje.

´s Avonds steekt de
wind weer op en komt er een waterhut, die je hier bij de vleet ziet
ronddobberen, veel te hard op de box naast ons aanvaren. Die dingen zijn ware
windvangers en hij komt vol op de kont van de Vader Knipmes aan. Met man en
macht kan de schade beperkt worden tot een paar schrapjes. De opvarenden blijken
vriendelijke jongens die eenmaal van de schrik bekomen hun excuses komen
aanbieden en informeren wat de schade is.

Het is al goed, kan gebeuren en het
viel gelukkig allemaal mee…
Donderdag vertrekken we naar Werder, een lieflijk stadje
waarvan de Altstadt op een eiland in de Havel ligt. De voornaamste middelen van
levensonderhoud op het eiland zijn (en waren) de fruitteelt en de visvangst en
–rokerij.

Van het fruit wordt jam, sap, wijn en bier gemaakt en dat alles is
tegenwoordig via het toerisme nog een belangrijke bron van inkomsten.

Volgens onze informatie moet het zeer de moeite waard zijn
om van hieruit een fietstochtje langs Glindow- en Schwielowsee te maken en dat
laten we ons geen twee keer zeggen: geen woord teveel, het is fantastisch,
onvervalst Ollie B-landschap met droomhuizen aan het water te kust en te keur.

Vanochtend hebben we afscheid van onze buren en van de super
relaxte havenmeester van Werder genomen. We zijn klaar voor de laatste
kilometers naar Potsdam en Berlijn, maar dat bewaren we voor de volgende keer….

Zaterdag 12 Mei 2012 at 08:31 am
dat is onze nieuwsgierigheid! Onder een Sicherheitstor door
verlaten we Haldensleben.

Omdat het Mittellandkanaal nogal eens boven
landniveau ligt, zijn op regelmatige afstanden van deze veiligheidsdeuren
aangebracht. Bij een dijkdoorbraak zou het hele kanaal leeglopen en een
vloedgolf in het dal kunnen ontstaan. Als er nu gevaar dreigt (of als aan een
bepaald stuk van het kanaal gewerkt moet worden) sluit men de waterkering door
middel van de sluisdeur. Tussen sluis Sülfeld en sluis Hohenwarthe zijn we op het
hoogste niveau van het kanaal en dat is altijd een zorgwekkend gedeelte. Immers
zou men niks doen, zou dit stuk (pand, noemen de geleerden dat) al snel
leeggelopen zijn omdat er immers aan beide kanten water verdwijnt. Hier hebben
ze dat opgelost met spaarbekkens, waarin het water steeds opgevangen wordt als
er schepen naar beneden gaan en weer gebruikt om scheepvaart omhoog te helpen,
ingenieus en efficient.
Wij vinden een aanlegplaats voor het oude hefwerk Rothensee,
een grote bak, waar schepen vroeger in vaarden en de hele bak zakte dan naar
een lager niveau - van de Elbe in dit geval.

Een indrukwekkend bouwwerk dat
niet meer gebruikt wordt (er is een minstens zo indrukwekkende sluis voor in de
plaats gekomen) maar bewaard wordt als monument. Uiteraard bekijken we een en
ander uitgebreid en daarna wandelen we over het Elbe-aquaduct, een megaproject
dat na de eenwording gebouwd werd om de scheepvaart van oost naar west te
bevorderen. Het uitzicht over het stroomdal van de Elbe is al indrukwekkend,
eenmaal onder het bouwwerk doorgelopen krijgen we echt een indruk van de
enormiteit van dit karwei…

De volgende dag willen we langs de Elbe naar Maagdenburg
fietsen, een prachtige tocht van dik 20 kilometer alleen maar fietspad. We
passeren eeuwenoude bomen, uitgestrekte graslanden en genieten van de ontelbare
gele kwikstaartjes die hier kennelijk voorkomen. Aan de oever van de Elbe
drinken we koffie – voorzieningen zijn hier ruim voorhanden inclusief
schuilhutjes, dat kom je in Nederland maar zelden tegen terwijl het daar toch
niet zelden regent!

Aan de stadsrand van Maagdenburg besluiten we tot een
ommetje door het stadspark-eiland Rothenhorn. We passeren een oude hefbrug die
gerestaureerd wordt en mogen even een kijkje nemen van de mensen die hier aan
het werk zijn.

Het brugdek is gemaakt van planken die door inwoners van
Maagdenburg gekocht en van tekst voorzien werden, bijvoorbeeld: als we zo met
de natuur blijven omgaan, moeten we straks drie prinsen kussen om één kikker te
zien!
Maagdenburg blijkt een mooie stad, maar levert me toch een
behoorlijke deuk in ego, handen en knieën op:

nèt nadat ik bovenstaande kerkdeur als
behoorlijk onheilspellend heb betiteld, maak ik op een superdruk kruispunt bij
het oversteken een akelige knieval voor alle stilstaande (dat wel, gelukkig!)
heilige koeien, erg gênant natuurlijk!
Gelukkig is de hele stad voorzien van meer dan genoeg
afleiding voor klein, persoonlijk leed

en verdiepen we ons maar snel in de
geschiedenis van de beroemde Maagdenburger halve Bollen, een natuurkundig
experiment van de 17e eeuwse natuurwetenschapper en tevens
burgemeester van Maagdenburg, Otto van Guericke. Wat bij ons echter de meeste
indruk achterlaat is het laatste bouwkunstje van architect-kunstenaar
Hundertwasser, De Groene Citadel, een vrolijk en kleurrijk project, ontstaan
rondom een aantal kleine binnenplaatsjes.

Hier moet wonen en werken wel heel
bijzonder zijn….
Dinsdag varen we letterlijk over de Elbe en wacht ons de
volgende uitdaging, we gaan 19,5 meter zakken in sluis Hohenwarthe,

een nieuw
en spannend record voor de Knipmes! Eenmaal uit de sluis varen we nu dus
officieel op het Elbe-Havelkanaal, slapen een nachtje in Burg – een aardig
stadje met een wat smoezelige kade – en gaan de volgende dag op weg richting
Plaue, de poort naar een gebied dat Das Blaue Paradis genoemd wordt. Om alvast
in de stemming te komen wordt het weer in ieder geval paradijselijk en eenmaal
vast aan ook al een paradijselijk wallekantje, kunnen we niet anders dan
genieten….

Het Elbe-Havelkanaal is hier opgelost in de benedenloop van
de Havel, een van Duitslands mooiste rivieren die bovendien een uitgebreid
merengebied doorkruist. Langs een paar van die meren fietsen we de volgende
dag, doorkruisen het schiereiland Kirchmoser, dat heden ten dage in plaats van aan
oorlogsmaterieel geheel gewijd is aan de fabricage van treinen en
treinonderdelen, steken de Havel over met behulp van een bloemrijk pontje

èn we
ontdekken dat hier – net als langs Weser en Elbe – een fietsroute langs de
Havel loopt. Omdat we de Havel tot voorbij Berlijn zullen volgen opent dat
interessante perspectieven ter lering en vermaak, waarvan we jullie uiteraard
met plezier op de hoogte houden!

Zondag 06 Mei 2012 at 09:49 am
Maandag viert Nederland Koninginnedag en vertrekken wij van
ons mooie plekje bij de kruising met het Elbe Seitenkanaal. De ochtend begint
prachtig met een mistig waas over land en water.

We zwaaien naar Willy en
Dagmar – die vertrekken morgen pas – en gaan vroeg op pad naar waar voorheen de
grens met de DDR was. Eerst echter nog Wolfsburg met de VW-fabrieken,
indrukwekkend, ook vanaf het water.

Hier bevindt zich ook Autostad, een
dagvullend themapark waar elk automerk zijn eigen paviljoen schijnt te hebben,
allemaal zeer de moeite waard. Wij geloven dat graag maar onze voorkeur gaat
toch uit naar eraan voorbij varen en dat doen we dan ook….
Al snel na Wolfsburg varen we weer omgeven door natuur (en
hoge dijken, dus niet echt wijds) en sneller dan we gedacht hadden zijn we in
Rügen. Van de voormalige grens is niets meer te zien en omdat we nog geen zin
hebben om nu al te stoppen, varen we nog lekker een poosje door. Bij Calvörde
vinden we het goed voor vandaag en gaan van het heerlijke weer genieten.

We
eten met de kuip open en horen dat in Nederland Koninginnedag mooi weer heeft
gebracht, wat een gelukkie is voor iedereen die zich heeft ingespannen om een
feestelijke dag te maken.
Dinsdag 1 mei is hier in Duitsland een officiële feestdag,
alle winkels zijn dicht en daar komen we eigenlijk pas achter als we Calvörde
inlopen en het wel erg stil vinden. Calvörde, onze eerste kennismaking met een
voormalig DDR-dorp. Grappig, we vinden het een beetje Frans aandoen:
bovengrondse leidingen, rafelige straatkanten en veel onderhoud met de Franse
slag, zullen we maar zeggen.

Gisteravond is de meiboom opgezet op het
dorpsplein, iedereen was welkom, voor eten en drinken werd gezorgd. Gezien de
verspreid liggende overblijfselen is het een dolle boel geweest.
´s Middags fietsen we een rondje in de omgeving, weer langs
glooiende koolzaadvelden en – heel opvallend – wat een stilte hier! Ook ons
ligplaatsje is overdag een oord van stilte, totdat de avond gaat vallen en
binnenschippers een plekje voor de nacht zoeken, dan hebben we opeens wel heel
veel buren!

De volgende dag varen we naar Bülstringen en omdat we hier
in de omgeving veel bezienswaardigs ontdekken op onze fietskaart, gaan we ´s
middags weer op pad. Ook om te kijken of we bij Haldensleben een afmeermogelijkheid
kunnen ontdekken, want onze waterkaarten spreken elkaar op dit punt nogal
tegen. Donderdag zal het markt zijn in Haldensleben en het lijkt ons een leuk
idee om daar lekker verse groenten en fruit in te slaan.
Via een ingewikkelde route en met de hulp van een nogal
vasthoudende dame, die ons met haar auto volgt teneinde ons op het juiste spoor
te krijgen, komen we uiteindelijk in Bebertal, waar we het kasteel van Ollie
B.Bommel ontdekken.

Een plaatje, waar we vrijelijk door tuinen en park mogen dwalen.
De route blijft vandaag moeizaam, het is veel zoeken en op onze schreden
terugkeren. Gelukkig is het weer fantastisch en de omgeving mag er ook wezen,
dus geen geklaag….

Als we aan een rustpauze en een appeltje toe zijn doemt slot
Hundisburg op in de verte en na een rondje door het gelijknamige dorp belanden
we in de prachtig aangelegde tuinen van datzelfde slot, waar we in stijl een
appeltje nuttigen. Ook hier mag vrijelijk rondgedwaald worden en dat doen we
dan ook naar hartelust.

Te veel eigenlijk want uiteindelijk moeten we nog min of
meer haast maken om een beetje bijtijds op de Knipmes terug te zijn, willen we
ook nog Haldensleben aandoen. We vinden een afmeermogelijkheid in Haldensleben
en een dierenwinkel om wat Dorus-spulletjes aan te schaffen en dan moeten we
toch echt gas gaan geven richting Bülstringen.
Daar schaft Fred nog snel een water- en
elektriciteitssleutel aan – eigenlijk een apparaatje voor de beroepsvaart, maar
ook voor ons handig om af en toe wat sap te tanken. De volgende ochtend testen
we de sleutel en helemaal voldaan en voorzien van vers drinkwater varen we naar
Haldensleben. Daar hopen we ook verlossing voor ons volgende nijpende probleem
te vinden: de computer lijkt de geest gegeven te hebben, hij geeft geen beeld
en verder ook geen sjoege meer! Omdat hij de laatste tijd al erg moeilijk
werkte, hebben we een tijd geen back-up meer kunnen maken, dus we vrezen met
grote vreze voor onze kostbare data. De markt in Haldensleben, waar we eerst
verzeild raken, blijkt een teleurstelling dus die slaan we maar even over.
Gelukkig vinden we wel al snel een computerdokter die wel naar onze patiënt wil
kijken en we gaan als een speer terug naar de Knipmes om diezelfde patiënt op
te halen. We spreken af dat men even de tijd neemt om eea te bekijken, wij gaan
dan op gemak een poosje Haldensleben in en daarna overleggen we of en hoe
verder.

Met gekruiste vingers wandelen we door Haldensleben, een aardig
plaatsje dat we aan de hand van Rolli (de plaatselijke mascotte) verkennen. Bij
de bakker zien we een bord dat ´heute frisch Sauerkrautbrot` belooft en dat
willen we wel eens proeven: broodjes zuurkool kennen we wel maar zuurkoolbrood?
Het ruikt heerlijk en eenmaal thuis zullen we erachter komen dat het ook
heerlijk smaakt, zeker met de knakworstjes die we voor erop gewarmd hebben.

Maar zover zijn we dan nog niet: eerst terug naar onze ernstig zieke patiënt.
De gekruiste vingers lijken geholpen te hebben, het is hoogstwaarschijnlijk dat
het geheugen gered kan worden! Dat is nog niet alles: men heeft zelfs goede
hoop dat met een nieuwe grafische kaart deze schijndode weer tot leven gewekt
kan worden en dat is veel en veel meer dan we hadden durven dromen. Een paar
dagen geduld en af en toe telefonisch contact, meer kunnen wij op dit moment
niet doen. We brengen de vrijdag in ledigheid door, op wat boodschappen doen na
dan, en zaterdagmiddag kunnen we de computer weer ophalen.

Nou ja, Fred doet
dat want het regent de hele dag pijpenstelen en we hoeven natuurlijk niet
allebei nat te regen! Daarna moet er veel, heel veel opnieuw geïnstalleerd,
maar dat hebben we er graag voor over. De enige handicap die overblijft is dat
we een Duitse grafische kaart hebben, dat is een beetje lastig maar wel weer
heel gunstig als taaloefening!
Van de 320 kilometer Mittellandkanaal hebben we er hier bij
Haldensleben zo´n 300 afgelegd, dus vanmiddag willen we het laatste stuk varen.
Het aquaduct over de Elbe markeert de overgang van Mittellandkanaal naar
Elbe-Havelkanaal en vandaar is het nog een kleine 100 kilometer naar Berlijn.
Dat moeten erg mooie kilometers zijn die ons bovendien door historische steden
als Brandenburg en Potsdam zullen voeren. Voor die tijd echter willen we nog
proberen Maagdenburg te bezoeken èn het aquaduct plus de oude schepenlift van
Rothensee uitgebreid bewonderen. De oude schepenlift is inmiddels door een
grote sluis vervangen en diende om schepen die van het Mittellandkanaal op de
Elbe wilden komen van dienst te zijn. We zijn – als altijd – benieuwd…..!

Zondag 29 April 2012 at 3:36 pm
Minden Centraal bekijken we zaterdag en wederom vallen we
met onze neus in de boter, het is weer markt – een boerenmarkt dit keer met
veelal biologische groenten en bij sommige kraampjes zelfs met de boerentrekker
aangevoerd!

Zondag wandelen we langs de Weser en ontdekken daar een
scheepswatermolen, een voor ons tot nu toe onbekend fenomeen. Dat is niet echt
slim, want het schijnt dat dergelijke watermolens al sinds het jaar 530
gebruikt worden! Het bleek handig om, als een vijandig leger de watertoevoer
van een watermolen geblokkeerd had, een verplaatsbare molen te hebben, die dan
desgewenst in elke stromende rivier zijn of haar werk kon doen.

De toenmalige
Romeinse veldheer Belisar verankerde daartoe schuiten met daarop een watermolen in de
Tiber en voíla…. Het schijnt dat op schilderijen van de Weser bij Minden uit
1657 wel 12 scheepsmolens afgebeeld stonden! Dus nooit van gehoord, da’s echt
niet slim van ons.
Aldus doordrongen van toch een bepaalde dommigheid verlaten
we Minden, maar niet zonder eerst water getankt te hebben bij de Mindener
bunkerboot, gratis met – ook gratis – een gezellige babbel met de
bunkeraar(??).
Die avond overnachten we in Idensen en omdat we daar al in
de middag vastmaken, pakken we de fietsen teneinde een tochtje te maken.

De
Kali Mandjaro (een van de hier vaker voorkomende kalimijnen) blijft de hele weg
prominent aanwezig en samen met mooie luchten, het zonnetje en koolzaadvelden
ziet’ie er niet eens onaardig uit zo.

In Idensen zelf bewonderen we de Sigwardskirche
met ooievaars erop en prachtige beschilderingen erin, een pastoraal plekje.

Voor de volgende dag hebben we als doel Hannover en samen
met een passagier komen we daar al snel. De hele dag vliegen de kwikstaartjes
af en aan om een stukje mee te varen, wat een schattige vogeltjes zijn dat
toch!

Misschien voelen ze zich veilig bij ons: hoog in de lucht maakt een wouw
zijn rondjes…
Om Hannover te verkennen fietsen we dwars door de stad naar
het Centraal Station (Hauptbahnhof hier) en dat blijkt een avontuur op zich. We
maken opgelucht onze stalen rossen vast voor de VVV, scoren een stadswandeling
(handig, de bezienswaardigheden zijn hier door een rode lijn in de bestrating
met elkaar verbonden) en gaan op pad.

Een boeiende stad Hannover, supermoderne
architectuur naast oud en klassiek, beeldende kunstwerken met als kleurrijk
hoogtepunt de 3 Nana’s van Niki de Saint Phalle,

een schitterend gelegen
raadhuis en een gezellige Altstadt, kortom we komen tijd te kort. Door de spits
crossen we weer naar de Vader Knipmes, stoer en onverschrokken als we zijn….
De volgende dag slaan we maar weer eens grof boodschappen in
en daarna wacht ons al snel het volgende
avontuur in de vorm van sluis Anderten met een verval (Hub heet dat hier!) van
14 meter, een nieuw hoogte- of diepte zo je wilt –record. We melden ons voor de
sluis en moeten wachten tot er beroepsschepen in zicht zijn. Logisch, zo’n bak
water gaan ze niet alleen voor ons helemaal met water vullen.

Achter twee grote
jongens mogen wij de sluis invaren en we voelen ons waarlijk Klein Duimpje. De
vastmaakpunten liggen zover bij elkaar vandaan, dat we het avontuur aan één
lijntje aangaan. Normaal doen we dat niet als we omhoog schutten want het water
kan dan echt hard de sluis inkomen, maar nu houden onze grote vrienden het
meest woeste gedoe voor ons tegen en met een sneltreinvaart schieten we omhoog.
Dan is het wachten alleen nog op het uitvaren van onze voorgangers en in
afwachting daarvan maken we vast en vindt Fred nog tijd voor een praatje op de
kant…

Aan het eind van de middag vinden we een plekje midden in
het Fürstenauer Wald bij Sophiental, helemaal alleen midden in de natuur. De
volgende ochtend gaan we eerst eens een uitgebreide boswandeling maken en als
we op een omgevallen boomstam aan de koffie zitten, krijgt Fred een cadeautje:
een eekhoorntje wandelt langs ons heen met in zijn knuistje een dennenappel die
hij in de boom tegenover ons op gaan zitten peuzelen, waarbij hij ons af en toe
nieuwsgierig en behoedzaam opneemt.

De volgende stop wordt de kruising van Mittellandkanaal en
Elbe Seitenkanaal, een heerlijk rustig en wijds plekje, waar we lekker van het
weekend willen genieten. ’s Avonds zijn we in gedachten in ’s-Gravenzande bij
Simone en Leo die uitgebreid, en ongetwijfeld supergezellig, het feit herdenken
dat zij 40 jaar getrouwd zijn! Heimwee af en toe hoort nou eenmaal ook bij dit
leven.

Zaterdag komen de stalen rossen weer te voorschijn en
fietsen we tussen de koolzaadvelden door naar Fallersleben, een leuk
bezienswaardig maar toch verstild plaatsje waar ook weer markt wordt gehouden.

Vandaar gaan we naar Wolfsburg, de vestigingsplaats van de Volkswagenfabrieken.
Was Fallersleben nostalgisch en verstild, Wolfsburg is verre van dat. Een uit
de grond gestampte, aangeveegde stad met uitgebreide winkelparadijzen waar de
bij Volkswagen verdiende centjes in sneltreinvaart weer uitgegeven kunnen
worden.

Wij doen daar ook even aan mee, hoewel onze centjes niet van het
Volkswagenconcern komen en gaan over tot de aanschaf van een nieuw
internettegoed. Daarna banen we ons een weg tussen schreeuwende voetbalfanaten
(en talrijke politie-agenten, die daarbij schijnen te horen) door en vinden
zowaar Schloss Wolfsburg, waar weer rust en stilte heersen.

Daar in het
kasteelpark eten we onze boterhammen en daarna scheiden ons nog zo’n 20 mooie
fietskilometers van Calberlah, waar ons drijvend huisje ligt te wachten.
’s Avonds drinken we wat met Willy en Dagmar, zij varen met
hun binnenvaartschip de Therese overal waar het werk hun brengt en willen als
zij uitgewerkt zijn kleiner (véél) gaan varen. Vandaar dat zij geïnteresseerd
kwamen vragen of zij onze Knipmes even mochten bekijken en na een wijntje bij
ons aan boord, verplaatsten we ons naar hun schip, zodat wij ook daar eens een
kijkje konden nemen. Zelfs het laten zakken van het stuurhuis werd aan ons
gedemonstreerd en ik weet nu eindelijk hoe dat dan met de deuren gaat, want
daar begreep ik (tot nu toe) geen fluit van….
Morgen gaan we weer verder, we hopen dan een
overnachtingsplaats te vinden bij Rühen, de grens met de voormalige DDR…..

Zondag 22 April 2012 at 10:39 am

Even snel nog iets met jullie delen: we komen er net achter dat we hier op het Wasserstrassenkreuz in Minden precies in het midden tussen Rotterdam en Berlijn liggen: hemelsbreed 312 kilometer naar Rotterdam en 312 naar Berlijn!!! Grappig....
