en wij...:

Binnen de grenzen zijn de mogelijkheden

net zo onbeperkt als daarbuiten...!

Jules Deelder

Onze locatie?

Workum!


Meer foto's van de bouw!


Over de bouw


Op de hoogte blijven?
Mail ons!

Archieven

01 Nov - 30 Nov 2007
01 Dec - 31 Dec 2007
01 Jan - 31 Jan 2008
01 Feb - 28 Feb 2008
01 Mrt - 31 Mrt 2008
01 Apr - 30 Apr 2008
01 Mei - 31 Mei 2008
01 Jun - 30 Jun 2008
01 Jul - 31 Jul 2008
01 Aug - 31 Aug 2008
01 Sep - 30 Sep 2008
01 Okt - 31 Okt 2008
01 Nov - 30 Nov 2008
01 Dec - 31 Dec 2008
01 Jan - 31 Jan 2009
01 Feb - 28 Feb 2009
01 Mrt - 31 Mrt 2009
01 Apr - 30 Apr 2009
01 Mei - 31 Mei 2009
01 Jun - 30 Jun 2009
01 Jul - 31 Jul 2009
01 Aug - 31 Aug 2009
01 Sep - 30 Sep 2009
01 Okt - 31 Okt 2009
01 Nov - 30 Nov 2009
01 Dec - 31 Dec 2009
01 Jan - 31 Jan 2010
01 Feb - 28 Feb 2010
01 Mrt - 31 Mrt 2010
01 Apr - 30 Apr 2010
01 Mei - 31 Mei 2010
01 Jun - 30 Jun 2010
01 Jul - 31 Jul 2010
01 Aug - 31 Aug 2010
01 Sep - 30 Sep 2010
01 Okt - 31 Okt 2010
01 Nov - 30 Nov 2010
01 Dec - 31 Dec 2010
01 Jan - 31 Jan 2011
01 Feb - 28 Feb 2011
01 Mrt - 31 Mrt 2011
01 Dec - 31 Dec 2011
01 Jan - 31 Jan 2012

Links

Jachtservice Scheveningen
Zonnemaire

Feeds

Powered by Pivot - 1.40.1: 'Dreadwind' 
XML: RSS Feed 
XML: Atom Feed 

GREONTERP

Woensdag 11 Januari 2012 at 3:43 pm  

Zondag belooft een aardige dag, we nemen het treintje naar Workum om vandaar terug naar Stavoren te kuieren. Workum is leuk, weten we al van eerdere bezoeken en binnenkort hopen we hier een paar dagen te vertoeven, dus min of meer met onze ogen dicht wandelen we langs alle bezienswaardigheden – die willen we voor later bewaren! Bij het sluisje stuiten we op Skipsmakerij De Hoop, waar nog steeds op traditionele wijze schepen worden gebouwd. Eenmaal het sluisje voorbij wandelen we over de dijk naar de vuurtoren van Workum, waar midden in het natuurgebied Reit de Jong en zijn vrouw wonen.

 

Zij leven heel eenvoudig zonder gas of elektriciteit en zoveel mogelijk van wat de natuur hen biedt. Reit stookt nog af en toe het vuur bovenop de vuurtoren, maar in ieder geval eens per jaar, als de schepen van de door hem geïnitieerde Strontrace terugkomen vanuit Warmond.

We volgen de dijk verder tot aan Hindeloopen, een geweldig leuk stadje, waar we – op zondag, jaja! – overgaan tot de aanschaf van een fries vlaggetje voor in de mast.

 

We doorkruisen Hindeloopen van voor naar achter en terug en als we het idee hebben dat we toch wel alle steegjes en straatjes gehad hebben, eten we ons boterhammetje in de beschutting van de reddingsbrigadegebouwtjes.

Daarna gaan we weer verder over de dijk richting Molkwerum en Stavoren en de eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat we dan het leukste deel van de wandeling wel gehad hebben. Wat rest is een vervelend stuk langs een drukbereden weg en na Molkwerum het stuk dijk dat we al eerder beliepen.

Maandagochtend om 6 uur wordt het vaarverbod opgeheven en natuurlijk maken wij daar gebruik van. Om naar Gaastmeer te varen dit keer. We vinden een superleuk plekje en worden gastvrij ontvangen door Gaastmeer’s havenmeester buiten dienst.

 

In de winter ligt alles stil, maar omdat we voor zijn huis afmeren komt hij even gezellig een praatje maken. Ondertussen hebben we ook kennis gemaakt met Menno en Marion Sappé. Zij wonen ook op een boot (nou ja, schip) en Menno bedient tijdens de zomermaanden het pontje van Gaastmeer. Momenteel liggen zij met hun schip in Sneek en we gaan hen zeker zien als we in die contreien verzeild raken.

Dinsdag begint stralend en dat heeft zijn uitwerking: er wordt gewassen en gezeemd op de Knipmes en niet alleen op de Knipmes, het werkt aanstekelijk voor de buurtjes en iedereen is aan het poetsen en boenen! ’s Middags halen we de stalen rossen te voorschijn voor eindelijk weer eens een fietstochtje. Niet erg lang – zo’n 35 kilometer, maar het is te voelen dat het een tijdje geleden is dat wij de pedalen beroerden!

 

Maakt niet uit, we fietsen naar Oudega door typisch fries landschap. Oudega, een leuk dorp met mooie afmeermogelijkheden voor een aantal scheepjes. Daarna via Piekezijl naar IJlst, waar we even wat rondkijken en onze boterhammetjes opeten onder het wakend oog van de fabrieksschoorsteen van Nooitgedagt (van de schaatsen!).

 

We fietsen langs de beroemde overtuinen van IJlst en verlaten het dorp weer richting Oosthem. Via Vijfhuis, Nijland en Blauwhuis verzeilen we dan in Greonterp – dat beter Groenterp kon heten, want de meeste (van de 5!) huizen zijn groen uitgeslagen! Onder de oude klokkentoren vinden we Huize Het Gras, waar Gerard Reve jaren woonde met zijn vrienden/geliefden Teigetje en Woelrat. Niets dan het huis herinnert meer aan deze jaren en dat vinden wij toch wel bijzonder: heb je jaren een van Nederlands meest gelezen en beste schrijvers gehuisvest en voelt kennelijk niemand de behoefte om dit op enigerlei wijze te gedenken! Wij maken een kiekje, het huisje links is dus Huize Het Gras, en vinden het al met al toch een bijzonder idee.

Woensdagochtend gooien we los en nemen afscheid van de havenmeester buiten dienst – in een andere volgorde natuurlijk! Al snel zijn we bij de spoorbrug voor Workum en die draait zonder oponthoud voor ons. Daarna wordt het allemaal wat problematischer: voor de volgende brug liggen we zo’n drie kwartier te wachten en het bruggetje in het centrum van Workum wil ook maar niet opengaan. Het blijkt nogal een gedoe: degene die dienst heeft om de brug te openen neemt de telefoon niet op en degene die geen dienst heeft, is de pad op – blijkt dus bij ons een praatje te staan maken! Zijn vrouw komt met gezwinde spoed met de sleutel van de brug haar man achterop en zo komt alles dus toch nog goed!

 

Eenmaal vast in Workum gaat Fred op onderdak voor de Knipmes uit en binnen de kortste keren heeft hij een veilig en goed adres gevonden, waar we ons drijvend huisje met een gerust hart ruim een week achterlaten. Wij vertrekken as vrijdag voor ruim een week naar de Randstad. Jeroen en Anja gaan op wintersport en wij kunnen dan van hun appartementje gebruik maken om iedereen weer te zien en familie- en vriendschapsbanden weer eens aan te halen. Daar verheugen we ons uiteraard enorm op, het volgende berichtje kan dus wel even op zich laten wachten, maar geen nood: we’ll be back!!!

EEN VEILIGE HAVEN

Vrijdag 06 Januari 2012 at 3:48 pm

Die hebben we gevonden in Stavoren, zo’n beetje de oudste stad van Friesland want ver voor de jaartelling werd het hier al bewoond. Stavoren heeft al zo’n 950 jaar stadsrechten maar – eerlijk is eerlijk – als stad stelt het heden ten dage niet veel meer voor. Anders was dat in de tijd van het Vrouwtje van Stavoren, toen was deze stad een belangrijke stad in het Hanzeverbond en werd er alom handel gedreven.

 

Het Vrouwtje was een rijke redersweduwe, die de roem enigszins naar het hoofd was gestegen. Zij gaf een van haar kapiteins opdracht om te vertrekken over de wereldzeeën en niet eerder terug te komen dan dat hij het kostbaarste bezit ter wereld in zijn ruimen opgeslagen had. De man zocht zich de tandjes, voortdurend in twijfel wat bij zijn veeleisende werkgeefster in goede aarde zou vallen. Uiteindelijk besloot hij naar eer en geweten de ruimen met het beste graan te vullen dat hij kon vinden en daarmee huiswaarts te varen. Hij had buiten de hoogmoedige ‘waardin’ gerekend, de weduwe ontstak in ongekende woede – zij had kennelijk kostbare waar van een geheel andere orde op het oog - en verplichte de kapitein zijn kostbare vracht in zee te storten. Toen zij werd aangesproken op haar spilzieke hoogmoedigheid, die zo gemakkelijk voor de val zou komen, werd zij zo mogelijk nog kwader en gooide een kostbare ring achter de scheepslading aan met de woorden: eerder zal deze ring bij mij terug komen, dan dat IK tot de bedelstaf zal geraken! Wat later werd een vis bereid voor het avondmaal van de weduwe en ziedaar: in de buik van de vis bevond zich de weggeworpen ring! Binnen afzienbare tijd verzandde de haveningang, het ging slechter en slechter met Stavorens handel in het algemeen en met de hoogmoedige weduwe in het bijzonder: zij eindigde aan de bedelstaf en Stavoren’s gloriedagen waren voorgoed voorbij….

Echter nieuwjaarsdag was Stavoren nog ver en bespiegelingen van bovenstaande aard nog lang niet aan de orde. Wij verlaten ‘ons’ eiland in opperbeste stemming om via de Woudsender Rakken richting Woudsend te varen. Ten eerste omdat die Rakken intrigerend slingeren en ten tweede omdat wij ons geen van beiden kunnen heugen ooit in Woudsend geweest te zijn. Nog helemaal goed ons geheugen: we zijn er inderdaad nog nooit geweest én een bezoek aan dit steegjesrijke dorp blijkt zeer de moeite waard!

 

Alleen al het kerkje bij de invaart naar Woudsend is wel heel bijzonder en wordt tegenwoordig particulier bewoond. Een schitterend pand om in te wonen en het schijnt dat in het pand onder andere het orgel nog geheel in originele staat aanwezig is.

We slingeren kriskras door het grappige dorpje en naast twee molens en diverse kruip-door-sluip-door-steegjes komen we een winkeltje tegen waar schitterend bewerkte klompen prijken. Misschien een mooie tijdsbesteding voor als Fred nog eens bezigheden zoekt….

 

Over de Woudsender Rakken varen we terug naar het Heegermeer en vandaar richting De Fluessen en Morra. Tussen Fluessen en Morra hebben wij bij Oud Karre (da’s een meertje) aanlegsteigertjes op de kaart gezien, die ons uitermate geschikt lijken als uitgangspunt voor een wandeling door Gaasterland. Echter als we die steigertjes proberen te bereiken, komt onze dieptemeter hard en overtuigend in actie: dit durven we niet te gokken; we zijn hier immers helemaal niet bekend en hebben geen zin om aan de grond te lopen! In arren moede varen we verder totdat de brug van Warns ons de weg versperd en we vastmaken bij een jachthaventje.

Maandagochtend zijn we de eersten die door de brug mogen en dat is goed nieuws, want dan kunnen Jeanet en Mick gezellig langskomen in Stavoren. Voornamelijk voor de gezelligheid en als prettige bijkomstigheid om ons te helpen door die gigantische pan erwtensoep heen te komen! Het wordt een heerlijke dag en we zijn blij dat we een veilige haven gevonden hebben voor de stormdagen die morgen en de dagen daarna verwacht worden. Dinsdag is bar en boos, we maken een wandeling over de IJsselmeerdijk, waaien er bijna af en verbazen ons over een kustvaarder die kennelijk geen been ziet in deze lagerwal-ankerplaats. Donderdag, als er een nog heviger storm woedt, blijkt hij vertrokken – dus toch eieren voor zijn geld gekozen of weggebonjourd door Rijkswaterstaat, wie zal het zeggen.

Woensdag wordt een mooie dag; in ieder geval droog met nog wel een harde wind, maar even een rustpauze tussen twee stormdagen in. We nemen de buurtbus richting Rijs en maken een prachtige wandeling door Gaasterland, het onfriese beboste heuvelland. Nou ja, heuvelland is misschien veel gezegd, maar niveauverschillen van 10 meter (!) zijn hier toch ruimschoots aanwezig hoor! Bovendien zijn hier door het nooit aflatende geknabbel van de Zuiderzee ooit heuse kliffen ontstaan: het Oude Mirdumer-, het Mirnser- en het Rode Klif.

 

Het geaccidenteerde landschap is trouwens te danken aan een ijstijd zo’n 200.000 jaar geleden. Meer dan genoeg ter overdenking dus tijdens een wandeling door dit afwisselende gebied.

Donderdag brengt weer storm en inmiddels is waterbeheersing hier in Friesland en Groningen een zodanig probleem geworden, dat een algemeen vaarverbod van kracht is en de dijken angstvallig in de gaten gehouden worden.

Vrijdag is de situatie – zeker in het noordoosten – nog steeds kritiek, wij liggen hier prima in onze veilige haven en besluiten tot een wandelingetje naar Molkwerum, in de 16e en 17e eeuw een beroemde doolhof, die zelfs in de reisgidsen van die tijd genoemd werd.

Het dorpje was verdeeld over 7 eilandjes en het verhaal gaat, dat zelfs de inwoners af en toe verdwaalden in hun eigen dorp. Tegenwoordig is daarvan absoluut geen sprake meer, maar een aardig dorp is het zeker nog en heel af en toe kun je je iets van die doolhof van vroeger voorstellen. Langs de IJsselmeerdijk wandelen we terug naar Stavoren, waar we de kustvaarder van eerder in de week op een veilig plekje aantreffen.

Het vaarverbod zal hoogstwaarschijnlijk zeker nog tot na het weekend duren, maar wij vermaken ons hier voorlopig nog prima…..

HULLIE OP D’R EILAND….

Zaterdag 31 December 2011 at 2:12 pm

 

Ja hoor, ze hebben het weer voor elkaar: een heel eiland voor hullie samen, ook op deze oudjaarsavond!!

Begon de trip naar Heeg met een waterig, maar schilderachtig zonnetje, daarna werd het toch een hele mooie dag. Goed weer voor de nodige inkopen en om een was of wat te draaien.

Inmiddels is Heeg aangedaan, zijn de boodschappen én de oliebollen binnen, de salade gemaakt én staat er een forse pan erwtensoep te pruttelen om het nieuwe jaar morgen maar gelijk weer normaal en stevig te beginnen!!

We hebben het hele eiland voor ons alleen en vrij zicht op de Heegse vuurwerkactiviteiten voor vannacht (activiteiten, die nu trouwens ook al behoorlijk te horen zijn!); wij gaan ervan genieten en we hopen jullie allemaal ook – maak er een mooie avond van!!

Rest ons jullie allemaal alle goeds voor 2012 toe te wensen, gezondheid, geluk én wèlvarendheid – in de zin van vaarplezier!!

VAN LEMMER NAAR SLOTEN

Donderdag 29 December 2011 at 3:01 pm

Gezellig, warm en sfeervol, dat waren de kerstdagen in Lemmer. Zo midden in het centrum tussen de feestelijk verlichte winkels en schepen, dat werkt absoluut sfeerverhogend. Tel daarbij op de supervriendelijke mensen, die allemaal tijd voor en zin in een praatje schijnen te hebben en je moet wel een onvervalste zeurpiet zijn, wil je het dan nóg niet naar je zin hebben….

Eerste kerstdag lekker samen kokkerellen en tweede kerstdag met behulp van de jongens en meisjes al het lekkers opeten plus nog zo het één en ander aan meegebrachte waar. Natuurlijk gaat het daar niet in hoofdzaak om, het was gewoon heerlijk om weer eens met elkaar te zijn in dit sfeervolle stadje.

Woensdag om 10 uur draaien Blokjesbrug en Lemstersluis voor ons.

 

De Lemstersluis is een fraaie en handig voor de havenmeester: de deuren gaan niet open vóór het havengeld betaald is!! In de buitenhaven shoppen we nog wat diesel en om weer niet dwars door het stadje te hoeven, varen we buitenom een stukje over het IJsselmeer naar de Prinses Margrietsluis. Gelukkig steeds in de luwte, want het weer is absoluut niet dusdanig dat we het IJsselmeer echt op zouden willen! Eenmaal door de sluis gaan we voor het windje over de Groote Brekken naar de Kromme Ee en vandaar naar Sloten, wat dan nog maar een wippie is. Met dwarse wind komen sloten water over en van onze fris gelapte kerstramen is al snel niks meer over….

In Sloten vinden we een leuk plekkie onder de molen. Sloten, voor ons allebei – samen én los van elkaar – met veel herinneringen. Sloten geplaveid met kleine kinderkopjes, niet plezant als je in een rolstoel zit, wat opa en oma Verbeek aan den lijve ondervonden tijdens het traditionele jaarlijkse weekje motorboot varen. Het geklaag (van opa!) was niet van de lucht, máár leverde wél binnen de kortste keren een heerlijk drankje op een terrasje op, op kosten van opa: kon’ie tenminste een poosje rustig zitten!!

We slenteren wat rond en halen herinneringen op en geloof het of niet: we vinden zelfs nog een paar steegjes waar we nooit eerder waren! ’s Avonds herhalen we het rondje om ook hier nog even van de lichtjes te genieten. Vandaag is het storm en regen en knus op de Knipmes. Voor morgen wilden we door de brug, maar helaas, die is aan een opknapbeurt toe en draait nu even niet. Geen punt hoor, varen we via een andere route richting Heeg en Woudsend. Waar we dan het nieuwe jaar afwachten is nog de vraag, we zien het wel…..!

VAN LINDE NAAR LEMMER

Donderdag 22 December 2011 at 2:15 pm

Maandag belooft een stralende dag op dit mooie plekje aan de Linde. Met dank trouwens aan buurman Willem uit Oldemarkt, zonder zijn overtuigingskracht hadden we hier – in verband met de (on)diepte – niet zo snel ingevaren. Met dit mooie weer wil Fred eerst een korte wandeling door de Lende(waarom niet gewoon Linde??)vallei maken en dan daarna even doorfietsen naar Wolvega. De fietspaden blijken vannacht spekglad bevroren, waardoor we voor een minder mooie, maar gestrooide route kiezen. Eenmaal spoor en snelweg gekruist, komen we aan het beginpunt van onze wandeling.

 

Het beekdal van de Linde is schitterend, maar de snelweg Zwolle-Leeuwarden, die dwars door het gebied loopt blijkt prominent aanwezig, hoogstwaarschijnlijk ook omdat we niet zover lopen vandaag. Er wordt door It Fryske Gea (de landschapbeheerder) wat afgeknutseld hier: vroeger kronkelde de Linde naar hartelust en liep naar believen buiten haar oevers, in de jaren 20 was men dat zat en moest de waterloop recht en de vallei gefatsoeneerd en tegenwoordig worden Linde en –vallei weer zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat teruggebracht. Men wil het gebied zelfs gaan verbinden met de Weerribben want dan zou de otter het ook hier wel eens goed naar zijn zin kunnen hebben…

Wolvega daarna is aardig maar met een wel erg hoog Blokker- en Kruidvatgehalte. We kopen kerstkaarten en nog zo het één en ander en vinden onszelf al snel weer bezig aan de terugweg; via Sonnega en Oldetrijne dit keer.

Voor de volgende dag zijn de Oldetrijnster- en Oldelamerbrug besteld, maar gelukkig hebben we vóór we vertrekken nog tijd voor het Schapenpad langs de Linde, een tip van buurvrouw Hennie.

Eenmaal onderweg richting het Brandemeer aan de Tjonger begint het te regenen en – eenmaal vast in the middle of nowhere – hard te waaien. Wij houden het voor vandaag voor gezien en lekker warm, rustig en knus aan boord van de Knipmes.

Woensdag is het weer tijd voor actie: aardig weer en een wandeling door Brandemeer en Rottige Meenthe op de agenda. Brandemeer: onbekend, maar prachtig en zeker de moeite waard.

 

Rotttige Meenthe met zijn rare naam: al eerder een indrukwekkend wandelgebied. Rottige Meenthe, de naam zegt het al, was vroeger een deprimerend oord waar door veenwerkers een armoedig bestaantje bij elkaar werd ‘gestoken’.

 

Wrang, maar juist daardoor heeft dit gebied zich als een min of meer authenthiek natuurgebied kunnen handhaven. Wij kuieren en genieten en worden bovendien beloond met een blik op de kleine bonte specht, de kleinste spechtensoort van Europa en daardoor zeker niet zo één, twee, drie voor ons lekebroeders als zodanig herkenbaar.

Bij de Scheenesluis verlaten we dit prachtige gebied. De Scheenesluis, in voorbije dagen belangrijk als ontsluiting van de Rottige Meenthe voor de turfschippers. Er was een café ‘de laatste stuiver’ waar schippers onder het genot van een borrel de laatste nieuwtjes (en hun laatste stuiver?) kwijt konden…

Als we bij de Oldelamerbrug op een bankje van onze boterhammetjes genieten, ontdekken we een grappig, futuristisch fietsenrek mét ingebouwde fietspomp!

Terug op de Knipmes hebben we er 15 kilometer opzitten en met onze snot-en-kwiel-erfenis voelt het eerlijk gezegd als het dubbele, maar het was prachtig en dus dubbel en dwars waard!

 

Eenmaal in een schone outfit (veengebied, modder tot onder de knie!) gooien we los en stomen naar Echtenerbrug, waar we een gastvrij – én gratis! – plekje vinden aan de steiger van Jachtcharter It Turfskip.

Morgenochtend om half 10 draait de Echtenerbrug voor ons, om half 9 gooien we nog snel even vol met drinkwater en dan liggen de eerste Friese meren voor ons: het Tjeukemeer en de Grote Brekken!

Om 11 uur varen we Lemmer in, waar we nu op een heerlijk plekje liggen goed genoeg voor de komende feestdagen. We zijn nog niet vast of een ‘native’ komt een praatje maken en hij vertelt en passant dat er om de hoek rode poon gerookt wordt; als we willen, moeten we snel zijn…..

En dat zijn we!!